Je hebt wijn gekocht, maar wilt het niet direct opdrinken. Hoe bewaar je wijn dan het beste?

 

Koel maar niet te koel

Te hoge temperaturen zijn de grootste vijand voor de smaak van de wijn. Temperaturen boven de 21 graden Celcius laten de wijn te snel rijpen waardoor de smaak en kwaliteit snel achteruit gaat. Een temperatuur tussen de 8 en 18 graden wordt als ideaal gezien.

 



Stabiel

Nog belangrijker dan de temperatuur zelf, is ervoor te zorgen dat de wijn niet bloot staat aan grote schommelingen van temperatuur.

 

Staand of liggend?

In principe werd altijd aangeraden wijn liggend te bewaren. Zo voorkom je uitdroging van de kurk waardoor deze krimpt en er lucht kan binnendringen in de wijn. Door lucht gaat de wijn oxideren, waardoor deze langzaam slechter gaat smaken en uiteindelijk bederft. Tegenwoordig hebben steeds minder wijnflessen nog een echte kurk als afsluiting. Zelfs kostbare exemplaren worden nu steeds vaaker afgesloten met een plastic kurk en de schroefdop. Van uitdroging van de kurk is dan geen sprake meer. Schroefdoppen laten geen lucht in de fles en dan kan het geen kwaad kan om de flessen rechtop te bewaren.

 

Lichten uit

Licht, en vooral de UV stralen uit zonlicht kunnen de wijn snel verouderen. Door het gekleurde glas van de flessen wordt de wijn hierdoor beschermd. Kunstlicht zal over het algemeen weinig schade toebrengen aan de wijn, hoewel TL-licht wel wat UV-stralen afgeeft.

 

Geen trillingen

Schudden of trillen doet een wijn geen goed. Nu zal dat niet vaak problemen opleveren tenzij er een spoorlijn langs je huis loopt. Door schudden of trillen van de wijn worden chemische processen versneld waardoor de wijn veroudert en in kwaliteit achteruit gaat.

 

Geen wijnkoelkast?

Een wijnkoelkast heeft alle positieve eigenschappen voor het bewaren van wijn. Heb je geen wijnkoelkast dan is een koele, donkere kelder het beste alternatief. Maar niet veel huizen hebben tegenwoordig nog een kelder. Kies dan een koele donkere ruimte waar de temperatuur niet schommelt.