Veel vijftigers hebben ermee te maken. Ouders die in toenemende mate zorg nodig hebben.

Vroeger gingen mensen eerder naar een bejaardenhuis, tegenwoordig is het de trend om zo lang mogelijk thuis te blijven wonen. Vaak willen ouderen dat ook graag zelf. Dat vraagt wel om extra inzet van kinderen, buren en andere zorgenden.

1. Maak het huis geschikt

Thuis blijven wonen moet wel veilig zijn natuurlijk. Kleine aanpassingen in huis kunnen veel moeilijkheden voorkomen.

1. Zorg dat het huis niet te vol is. Haal overbodige meubelstukken weg zodat men zich makkelijk kan bewegen.
2. Werk losliggende snoeren weg. Leg anti-slipmatten onder de kleden of haal de kleden helemaal weg.
3. Nachtlampjes op strategische plekken zijn fijn en maken het veilig om ’s nachts naar het toilet te gaan.
4. Zorg voor rook- en CO-melders en controleer ze regelmatig.
5. Hangrepen en een stoeltje bij douche, bad en/of toilet zijn handig.
6. Breng extra leuningen en/of anti-slipstrips aan bij de trap, of vraag traplift advies aan.




2. Tracking en alarm

Als ouderen alleen wonen is het belangrijk dat ze alarm kunnen slaan, als ze vallen bijvoorbeeld. Vergeetachtige ouderen kunnen nog weleens gaan dwalen of de weg kwijt raken. Gelukkig zijn daarvoor allerlei hulpmiddelen te koop. Een S.O.S ketting met een knop waarmee ze iemand kunnen alarmeren is een prima idee.

Tracking armbanden of andere tracking apparaatjes die in een jas, tas of auto gelegd kunnen worden, zorgen ervoor dat ouderen altijd traceerbaar zijn.

3. Huur hulp in

Bij gebrek aan tijd kan je natuurlijk ook hulp van derden inroepen. Maaltijden, boodschappen thuis laten bezorgen, schoonmaken, dat kan je prima uitbesteden als je de middelen ervoor hebt.

4. Bezoek

Ga regelmatig op bezoek en maak van de gelegenheid gebruik om goed rond te kijken. Zijn er dingen die aandacht nodig hebben of gerepareerd moeten worden, zijn er nota’s die niet betaald worden? Liggen er geen oude dingen in de koelkast?

Schakel buren in, indien mogelijk. Breng ze op de hoogte van de situatie en vraag of ze je bellen als dat nodig mocht zijn. Geef ze in ieder geval een sleutel en zorg dat je er zelf ook een hebt.

5. Autorijden

Rijd af en toe een stukje mee als ouderen nog steeds zelf willen blijven rijden. Zelf hebben ze vaak niet in de gaten dat hun reactievermogen of concentratie achteruit gaan.